RSI-klachten die blijven: wat er speelt in je arm, hand en nek
Door Team Chronische Pijn Centrum · · 5 min lezen
Het begon misschien met wat vermoeidheid in je onderarm na lange dagen achter de laptop. Inmiddels tintelt je hand, zeurt je schouder en merk je de pijn ook als je niet werkt. Je hebt een nieuwe muis, pauzesoftware en misschien fysiotherapie gehad. Toch blijven de RSI-klachten. Dat is frustrerend, en het roept de vraag op: wat is hier eigenlijk aan de hand?
Wat is RSI en wat betekent KANS?
RSI staat voor Repetitive Strain Injury: klachten die in verband worden gebracht met herhaalde bewegingen of langdurig dezelfde houding. In Nederland gebruiken artsen en fysiotherapeuten nu vaker de term KANS. KANS betekent Klachten aan Arm, Nek en/of Schouder.
De nieuwe naam is bewust breder. Hij beschrijft waar je klachten zitten, zonder al te zeggen wat de oorzaak is. Bij sommige mensen is er een duidelijke aandoening, zoals een peesontsteking of een beknelde zenuw. Bij anderen vinden artsen geen specifieke oorzaak. Dan spreken ze van aspecifieke KANS. Je klachten zijn dan net zo echt.
Welke klachten horen bij RSI of KANS?
KANS kan verschillende klachten geven, die kunnen wisselen per dag. Veel mensen noemen:
- pijn, zeuren of branderigheid in vingers, hand, pols, onderarm, elleboog, schouder of nek
- tintelingen of een dof gevoel
- stijfheid of een gevoel van krachtverlies
- snel moe worden bij typen, muizen, schrijven of tillen
- klachten die ook in rust of 's nachts aanwezig zijn
Heb je nieuwe klachten, merkbaar krachtverlies, of een hand die steeds dover wordt? Laat dit dan eerst door je huisarts beoordelen. Op Thuisarts.nl vind je betrouwbare informatie over klachten aan arm, nek en schouder.
Waarom blijven RSI-klachten soms, ook na rust?
RSI-klachten kunnen blijven omdat pijn niet alleen over weefsel gaat, maar ook over hoe je lichaam pijn verwerkt. Pijn is volgens de internationale pijnvereniging IASP een onaangename zintuiglijke en emotionele ervaring die samenhangt met, of lijkt op, (dreigende) weefselschade. Dat 'lijkt op' is belangrijk: pijn kan er ook zijn als weefsel inmiddels hersteld is.
Als pijn lang duurt, kan je lichaam gevoeliger worden. Het slaat sneller alarm, ook bij bewegingen die eigenlijk veilig zijn. Dat heet centrale sensitisatie. Lees er meer over in centrale sensitisatie uitgelegd.
Ook andere dingen spelen vaak mee:
- werkdruk en weinig invloed op je werk
- spanning in schouders en nek die je niet meer opmerkt
- angst dat bewegen de klachten erger maakt, waardoor je je arm juist ontziet
- slecht slapen door de pijn
- zorgen over je baan of inkomen
Dat maakt je klachten niet minder echt. Het betekent dat lichaam, brein en omstandigheden samen bepalen hoe sterk je pijn voelt. Houden klachten drie maanden of langer aan, dan spreken artsen van chronische pijn.
Helpt stoppen met bewegen bij RSI?
Helemaal stoppen met bewegen helpt meestal niet op de lange termijn. Rust kan in het begin prettig zijn. Maar als je je arm lang ontziet, wordt hij juist minder belastbaar, en kan je lichaam steeds voorzichtiger worden. Veel mensen raken zo in een cirkel van vermijden en meer gevoeligheid. Daarover gaat ook het artikel over angst om te bewegen.
Ook buiten je werk speelt je arm mee. Misschien ben je gestopt met sporten, een instrument bespelen of koken, omdat je bang bent dat het de klachten verergert. Het kan helpen om te kijken welke van die dingen je in een aangepaste vorm weer kunt oppakken.
Wat wel kan helpen: in overleg met je huisarts, bedrijfsarts of fysiotherapeut rustig en geleidelijk opbouwen. Wissel houdingen af, las korte pauzes in en let op wat je lichaam nodig heeft. Niet om de pijn te 'verslaan', maar om je lichaam weer vertrouwen te geven.
Wat kun je doen als RSI-klachten je werk beïnvloeden?
Als RSI-klachten je werk beïnvloeden, is praten vaak de eerste stap. Met je leidinggevende over taken en tempo, met de bedrijfsarts over aanpassingen en met je huisarts over je klachten. Veel mensen blijven lang doorgaan tot het niet meer gaat. Herken je dat? Lees dan meer over werken met chronische pijn.
Kijk ook eerlijk naar je eigen werkpatroon. Werk je door zonder pauze omdat je iets af wilt maken? Zeg je moeilijk nee tegen extra taken? Zulke patronen zijn heel menselijk, maar vragen veel van je lichaam. Kleine veranderingen, zoals een vast moment om even op te staan of een taak die je bewust overdraagt, kunnen al verschil maken. Het doel is niet perfect werken, maar werken op een manier die je langer volhoudt.
Wanneer is psychologische hulp bij KANS zinvol?
Psychologische hulp is zinvol als je klachten al lang bestaan, medisch goed zijn onderzocht en je merkt dat stress, zorgen of vermijden een grote rol zijn gaan spelen. Een (GZ-)psycholoog met ervaring in chronische pijn helpt je om anders naar je pijn te kijken en weer ruimte te maken voor wat je belangrijk vindt.
De CPC-methode kijkt naar wat je voelt, wat je denkt en wie je bent. De behandeling vindt plaats bij een aangesloten, zelfstandige ggz-praktijk, na verwijzing door je huisarts (of een andere arts, zoals een specialist of bedrijfsarts). Wil je weten of dit bij jou past? Doe de gratis zelfscan of lees meer over chronische pijn.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen RSI en KANS?
RSI en KANS gaan over dezelfde soort klachten aan arm, nek en schouder. KANS staat voor Klachten aan Arm, Nek en/of Schouder en is de term die zorgverleners in Nederland nu vaker gebruiken. De naam beschrijft waar de klachten zitten, zonder meteen een oorzaak te noemen. RSI legt meer nadruk op herhaalde bewegingen als oorzaak.
Kunnen RSI-klachten chronisch worden?
Ja, bij een deel van de mensen blijven RSI-klachten langer bestaan. Houdt pijn drie maanden of langer aan, dan heet ze chronisch. Dan spelen vaak meer dingen mee dan alleen belasting, zoals een gevoeliger pijnsysteem, spanning en vermijden. Een aanpak die naar lichaam en brein samen kijkt, kan dan helpen om er anders mee om te gaan.
Moet ik met RSI naar de huisarts?
Ja, ga naar de huisarts als klachten nieuw zijn, niet overgaan, erger worden of als je krachtverlies of doofheid merkt. De huisarts kan onderzoeken of er een specifieke oorzaak is, zoals een beknelde zenuw. Ook kan de huisarts je doorverwijzen naar een fysiotherapeut of, bij langdurige klachten, naar psychologische ondersteuning.
Benieuwd of we jou kunnen helpen?
Doe de gratis zelfscan en ontdek welke factoren mogelijk een rol spelen bij jouw klachten.
Doe de gratis zelfscan